Kamerbeek Fillet advocaten arbeidsrecht ondernemingsrechtUpdate WW1 oktober 2003 Tijdens prinsjesdag is nog eens bevestigd dat het kabinet Balkenende-II een aantal ingrijpende wijzigingen in de sociale zekerheid wil doorvoeren. Ook in de Werkloosheidswet (WW) wil het kabinet veranderingen aanbrengen. Als gevolg van de lage economische groei loopt de werkloosheid in Nederland snel op en dit leidt tot een groter beroep op de WW. Het kabinet wil echter het aantal mensen dat in een uitkeringssituatie zit beperken. De voorgestelde wijzigingen in de WW hebben ook voor werkgevers directe en indirecte gevolgen. Wie een beroep wil doen op de WW, zal in de toekomst 39 van de laatste 52 weken moeten hebben gewerkt. Nu is dat 26 weken uit de laatste 39 weken. Bovendien moet hij ten minste vier van de afgelopen vijf jaren hebben gewerkt. Als een werkloos geworden werknemer voldoet aan deze “26 uit 39 weken-eis”, maar niet aan de “4 uit 5 jaren-eis”, krijgt hij op dit moment nog een kortdurende WW-uitkering. De-ze uitkering bedraagt 70% van het minimumloon en duurt een halfjaar. Het kabinet wil deze kortdurende WW-uitkering per 1 januari 2005 afschaffen. Voormelde maatregelen worden momenteel nog op het ministerie van SZW ontwikkeld. Voorts ligt er inmiddels een wetsvoorstel van minister De Geus waarin de zogenaamde vervolguitkering wordt afgeschaft, hetgeen reeds geldt voor werknemers die op of na 11 augustus 2003 werkloos zijn ge-worden. De “normale” WW-uitkering bestaat nu nog uit een loongerelateerd deel (70% van het laatstverdiende loon) gevolgd door een vervolguitkering (70% van het minimumloon). Door dit wetsvoorstel wordt de maximale duur van de WW-uitkering gekort. Het wetsvoorstel heeft inmiddels de instemming van de ministerraad en is voor advies naar de Raad van State verzonden. Het spreekt bijna voor zich dat de met ontslag bedreigde werknemer zich voor-taan vaster zal klampen aan zijn dienstverband dan wel een hogere vergoeding zal verlangen voor de opvang van de financiële gevolgen van het ontslag. Een ander wetsvoorstel dat minister De Geus reeds bij de Tweede Kamer heeft ingediend, strekt tot bescherming van de oudere op de arbeidsmarkt. Dit wetsvoorstel verplicht werkgevers die een werknemer van 57,5 jaar of ouder ontslaan, mee te betalen aan de werkloosheidslasten voor die werknemer. Werkgevers met meer dan 25 werknemers in dienst, betalen 30% van de bruto WW-uitkering. Voor werkgevers die tussen de 11 tot 25 werknemers in dienst hebben geldt een percentage van 15%. Bedrijven met tien werknemers of minder betalen geen bijdrage. Naar verwachting treedt deze wet 1 januari 2004 in werking en heeft een terugwerkende kracht tot 1 mei 2003. Dit kan voor werkgevers nog een onverwachte schadepost tot gevolg hebben. Ten slotte is het kabinet van plan om, net als het kabinet Kok jaren geleden, de gouden handdruk te verrekenen met de WW-uitkering. Het kabinet Kok-II kwam indertijd niet verder dan het invoeren van deze verrekening over de zogenaamde fictieve opzegtermijn. Tip: leiden deze maatregelen juist in de aanloop tot extra afvloeiing van personeel? |