Kamerbeek Fillet advocaten arbeidsrecht ondernemingsrechtAansprakelijkheid voor RSI; wie moet wat bewijzen?4 juni 2003 Die vraag kwam aan de orde in een recente zaak bij de Kantonrechter te Brielle. Een werknemer, werkzaam als operationeel medewerker, heeft zich na een dienstverband van 2½ jaar ziek gemeld vanwege chronische pijnen in zijn hand, pols, arm, schouder en nek. Een jaar later is hem een WAO-uitkering toegekend wegens RSI-klachten. De werknemer stelt zijn werkgever voor zijn klachten aansprakelijk. De klachten zouden het gevolg zijn van teveel beeldschermwerk, het werken onder tijdsdruk, het ontbreken van voorlichting over RSI en een niet verantwoord ingerichte werkplek. Een door de kantonrechter benoemde deskundige stelt vast dat uit de Risico-Inventarisatie en -Evaluatie (RI&E) is gebleken dat de inrichting van de werkplekken niet (volledig) voldeed aan de normen. Een oorzakelijk verband tussen werk en arbeidsongeschiktheid acht de deskundige echter niet aannemelijk. De werknemer heeft in reactie hierop diverse commentaren van artsen overgelegd waarin dit wordt weersproken. De kantonrechter concludeert op basis hiervan dat het genoemde oorzakelijk verband niet eenduidig kan worden vastgesteld. De kantonrechter oordeelt voorts dat de werkgever dienaangaande het bewijsrisico moet dragen, in die zin dat het aan de werkgever is aan te tonen dat de werknemer niet arbeidsongeschikt is geworden door het werk. De kantonrechter baseert dit op de omstandigheden dat vast staat dat de werknemer arbeidsongeschikt is geworden, de klachten het gevolg kunnen zijn van het werk, de klachten zijn ontstaan tijdens de uitoefening van de werkzaamheden, niet gebleken is van andere oorzaken van de klachten, en de werkgever tekortgeschoten is in zijn zorgplicht. De kantonrechter oordeelt tenslotte op 11 maart 2003 dat de werkgever niet in dat bewijs is geslaagd, zodat deze aansprakelijk wordt geacht en de schade van de werknemer dient te vergoeden. Deze uitspraak bevestigt de sinds enkele jaren bestaande rechtspraak inzake aansprakelijkheid van de werkgever voor beroepsziekten van zijn werknemer. De werknemer dient aannemelijk te maken dat hij in de uitoefening van zijn werkzaamheden de ziekte heeft opgelopen en dat er een oorzakelijk verband met de werkzaamheden is of kan zijn. De werkgever dient vervolgens te bewijzen dat hij zijn zorgplicht aangaande een veilige werkomgeving is nagekomen. Indien de werkgever niet in dit bewijs slaagt, wordt in beginsel het oorzakelijk verband tussen dit tekortschieten en de ziekte aangenomen en wordt deze voor de beroepsziekte aansprakelijk gehouden. De zorgplicht van de werkgever bestaat in ieder geval uit het naleven van de Arbeidsomstandig-hedenwet. De werkgever dient zijn Arbo-dienst een RI&E te laten opstellen van de aan de arbeid verbonden risico’s en de mate waarin maatregelen zijn en moeten worden getroffen ter inperking van die risico’s. In een plan van aanpak, als onderdeel van een RI&E, wordt vervolgens vermeld welke maatregelen getroffen moeten worden om in eventuele tekortkomingen te voorzien. Het vonnis van de Kantonrechter onderstreept weer eens het belang van het consequent uitvoering geven aan deze plannen van aanpak. Tip: Zorg als werkgever voor RI&E-rapportages van uw Arbo-dienst en voor een consequente uitvoering van het plan van aanpak. |