Kamerbeek Fillet advocaten arbeidsrecht ondernemingsrecht


Het wetsvoorstel concurrentiebeding onderuit gehaald


4 oktober 2006

In de Fillet Fax Flits van december 2005 berichtten wij u over het wetsvoorstel tot wijziging van het concurrentiebeding en over de toenemende betekenis van het relatiebeding naast of in de plaats van het concurrentiebeding. Inmiddels is helder dat er geen nieuwe wetgeving over het concurrentiebeding zal komen. De meeste werkgevers zullen daar niet rouwig om zijn in verband met de in het voorstel opgenomen verplichte billijke vergoeding die betaald zou moeten worden aan de werknemer voor iedere maand dat de werknemer door het concurrentiebeding wordt beperkt. Onduidelijk was overigens hoe hoog zo’n billijke vergoeding behoorde te zijn terwijl ook niet duidelijk was of het relatiebeding als concurrentiebeding werd aangemerkt. Inmiddels is het wetsvoorstel dan ook in de Eerste Kamer gestrand. Kort gezegd blijft alles dus bij het oude. Dat het overeenkomen van een concurrentiebeding nog niet betekent dat de werknemer daaraan onverkort kan worden gehouden en dat het relatiebeding steeds vaker een plek lijkt te krijgen in de beoordeling door de rechter bleek recent nog eens.

Een advocaat en zijn werkgever, beiden uit Enschede, zijn een concurrentiebeding en een relatiebeding overeengekomen met een looptijd van twee jaar. De advocaat wil in Enschede voor zichzelf beginnen omdat hij geen partner kan worden bij zijn werkgever. Ondanks het feit dat zijn prestaties immer als goed en zelfs uitstekend werden beoordeeld, ontving hij nimmer een concreet antwoord van zijn werkgever op zijn vraag naar meer duidelijkheid over zijn toekomstperspectief om welke reden hij zijn eigen conclusies heeft getrokken en de kantonrechter verzoekt om te worden ontheven van het concurrentiebeding. De kantonrechter die aanvankelijk hierover oordeelt, bepaalt dat het concurrentiebeding wordt geschorst voor zover de advocaat een eenmanskantoor begint. Het Gerechtshof te Arnhem dat in hoger beroep de zaak behandelt, bekrachtigt het vonnis van de kantonrechter. Het Hof oordeelt dat het onaannemelijk is dat de advocaat als éénpitter het relatief grote kantoor ongeoorloofde concurrentie zou kunnen aandoen, ondanks het feit dat hij op hetzelfde rechtgebied werkzaam zal trachten te blijven. Daartegenover staan de belangen van de advocaat die sociaal volledig verbonden is aan Enschede en die, aldus het Hof, begrijpelijkerwijs de keuze heeft gemaakt om voor zichzelf te beginnen. Voor het Hof is daarbij ook van belang dat tussen partijen ook een relatiebeding is overeengekomen voor de duur van twee jaar en de advocaat bevestigt dat hij zich daaraan gebonden acht. Hij had zelfs nog te kennen gegeven bereid te zijn om hieraan meer inhoud te geven. Op dit aanbod ging de werkgever toen echter niet in. Het Hof acht het relatiebeding een voldoende waarborg voor de te beschermen belangen van de werkgever.

Tip: Nu het wetvoorstel van de baan is, kunnen als vanouds non-concurrentiebedingen worden overeengekomen waarbij dus niet meer behoeft te worden geanticipeerd op dat wetsvoorstel. Vaak zal inderdaad een relatiebeding de belangen van de werkgever voldoende beschermen. Beide bedingen kunnen naast elkaar worden overeengekomen.