Kamerbeek Fillet advocaten arbeidsrecht ondernemingsrecht


Letselschade werknemer door verkeersongeval in eigen auto tijdens “woon-werkverkeer”. Aansprakelijkheid werkgever.


8 januari 2003

Werknemer is als betontimmerman in dienst van Oudenallen Betonbouw B.V.. De werknemer rijdt iedere dag in zijn eigen auto van zijn woonplaats Oosterhout naar een project te Deventer en terug. Hij vervoert hierbij tevens enkele collega’s en ontvangt hiervoor op grond van de CAO voor het Bouwbedrijf een reisurenvergoeding, autokostenvergoeding en meerijderstoeslag. Op 17 februari 1998 heeft de werknemer op weg van huis naar het project door zijn schuld een aanrijding veroorzaakt, ten gevolge waarvan hijzelf en zijn collega’s ernstig gewond raakten en zijn auto geheel vernield werd. De werknemer vordert een verklaring voor recht dat zijn werkgever aansprakelijk is voor de schade aan zijn auto en zijn letselschade. De Hoge Raad overweegt bij arrest van 9 augustus 2002 dat de wet voor de werkgever een zorgplicht schept voor de veiligheid van de werkomgeving van de werknemer en de door deze te gebruiken werktuigen. Deze zorgplicht en de daaruit voortvloeiende aansprakelijkheid houden nauw verband met de zeggenschap van de werkgever over de werkplek en zijn bevoegdheid de werknemer aanwijzingen te geven ter zake van de (wijze van) uitoefening van diens werkzaamheden. De onderhavige kwestie (eigen auto, ten tijde van woon-werkverkeer) valt volgens de Hoge Raad niet onder deze zorgplicht en aansprakelijkheid. Echter, vervolgt de Hoge Raad, deze zaak kenmerkt zich erdoor dat de werknemer in verband met een door de werkgever aanvaarde opdracht reisde en hij (op grond van de CAO) door zijn werkgever is aangewezen om het vervoer te verzorgen in welk verband hij op grond van de CAO bovenvermelde vergoedingen ontving. Daarom moet het vervoer in casu worden gekwalificeerd als vervoer krachtens de verplichtingen van de arbeidsovereenkomst en in het kader van de voor de werkgever uit te voeren werkzaamheden. Daaruit vloeit voort dat de werkgever, gezien de aard van de arbeidsovereenkomst en de eisen van redelijkheid en billijkheid, in beginsel de niet door een verzekering gedekte schade die de werknemer lijdt doordat hij tijdens vervoer als hier bedoeld een verkeersongeval heeft veroorzaakt, heeft te dragen behoudens in het, zich hier niet voordoende, geval van opzet of bewuste roekeloosheid van de werknemer.

De Hoge Raad trekt hiermee de grenzen van de aansprakelijkheid van de werkgever voor (letsel-)schade van de werknemer weer iets verder op. Reeds eerder (12 januari 2001) achtte de Hoge Raad de werkgever op dezelfde gronden aansprakelijk voor letselschade van een werknemer die door zijn schuld met een bedrijfsbusje een ongeval veroorzaakte. Ook op 16 oktober 1992 oordeelde de Hoge Raad in gelijke zin ten aanzien van een werknemer die ter uitvoering van zijn werkzaamheden in zijn eigen auto een pakje wegbracht.

Tip: Aansprakelijkheid van de werkgever voor deze niet verzekerde (letsel-)schade van werknemers (i.g.v. eigen schuld en motorvoertuig) wordt in de meeste bedrijfsaansprakelijkheidsverzekeringen niet gedekt. De in 2001 ontwikkelde Wegam-polis dekt deze aansprakelijkheid wel, doch veel werkgevers hebben zich nog (steeds) niet met die polis verzekerd, hetgeen echter wel is aan te raden!