Kamerbeek Fillet advocaten arbeidsrecht ondernemingsrecht


Verkeersongeval: inlenend werkgever aansprakelijk bij gebreke van adequate verzekering


Onlangs heeft de Hoge Raad in onderhavige zaak een tweede uitspraak gedaan. Van der Hoeven, een werknemer in dienst van Vonk Montage B.V., was uitgeleend aan Licotec B.V. om montagewerkzaamheden te ver-richten aan de Amsterdam Arena. De werknemer reed dagelijks tezamen met drie andere werknemers van de vestigingsplaats van de inlenend werkgever Licotec naar Amsterdam met een door Licotec ter beschikking gestelde bestelbus. De werknemer is als bestuurder van het busje door een eigen stuurfout in een slip geraakt en over de kop geslagen, als gevolg waarvan hij rugletsel opliep. De letselschade van de werknemer was – in tegenstelling tot de letselschade van zijn drie collega’s – niet gedekt door de WAM (Wet Aansprakelijkheid Motorvoertuigen)-verzekering van het busje.

De werknemer heeft zowel zijn eigen ‘formele’ werkgever als de inlenend ‘materiële’ werkgever in rechte aangesproken tot vergoeding van zijn schade. In de zaak tegen zijn werkgever Vonk leidde dit in 2001 tot het Arena-arrest van de Hoge Raad (zie FaxFlits 14/03/2001): op basis van het goed werkgeversschap oordeelde de Hoge Raad de werkgever voor deze onverzekerde schade aansprakelijk. Op grond van deze uitspraak werden werkgevers min of meer genoodzaakt voortaan een adequate schade-inzittendenverze-kering af te sluiten voor het personeel dat zich ten behoeve van het werk met een auto in het verkeer begeeft. In rechtspraak van de Hoge Raad van de afgelopen jaren werd deze verzekeringsplicht als daadwerkelijke zorgplicht van de werkgever benoemd.

In onderhavige procedure tegen de inlener Licotec heeft de werknemer aan zijn vordering ten grondslag gelegd dat (ook) de inlener als ‘materiële’ werkgever op haar beurt niet aan de op haar rustende zorgplicht heeft voldaan. Net als de formele werkgever heeft ook zij de werknemer na een lange werkdag, waarbij de maximale arbeidsduur was overschreden, het bestelbusje laten besturen en hem daardoor blootgesteld aan de risico’s van het verkeer. De inlener had volgens de werknemer een passende schadeverzekering dienen af te sluiten voor de werknemers die zich voor hun functie in het gemotoriseerd verkeer begeven. De rechtbank kon zich hierin vinden en heeft de vordering toegewezen en de inlener veroordeeld tot betaling van 50% van de schade. Het hof heeft het vonnis bekrachtigd en de Hoge Raad heeft dit oordeel in zijn recente arrest in stand gelaten. Dit lijkt de eerste uitspraak waarin de Hoge Raad de verzekeringsplicht ook als zorgplicht voor de inlenende werkgever benoemt, bij gebreke waarvan de inlenende werkgever aansprakelijk is voor schade van de werknemer tijdens zijn werk in het verkeer opgelopen.

Tip: Werkgevers die personeel inlenen dienen in overweging te nemen of zij niet óók voor het ingeleende personeel, dat zich voor hen in het verkeer begeeft, een adequate verzekering afsluiten. Danwel hierover duidelijke afspraken maken met de uitlener.